Pagina's

Posts tonen met het label vergankelijkheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label vergankelijkheid. Alle posts tonen

woensdag 8 februari 2012

Bittere bloemen – Jeroen Brouwers


Atlas, Amsterdam 

285 blz.

‘Jeroen Brouwers schrijft een boek, en hij doet dat goed’, zong De Mens al op hun debuutalbum, en net als de song doet Brouwers het nog steeds!
Bittere bloemen is het verhaal van de afgang van Julius Hammer, rechter, minister en hoogleraar in een vorig openbaar leven, en nu op 81-jarige leeftijd veroordeeld tot een cruisevaart op de Middellandse zee. Geschenkje van zijn bazige dochter na een lang ziekenhuisverblijf.
Meedogenloos scherp is de blik waarmee de oude baas zowel zichzelf en zijn medepassagiers observeert, zij ongegeneerd hun vervallen lijven blootstellend, hij wat weggedoken in een rustiger hoekje, worstelend met een veel te lage ligzetel en een steeds groter wordend gevoel van beklemming. De beklemming wordt alleen maar erger als hij  Leentje terugziet, alias Pearlene, een oud-studente die “nooit uit zijn stiltes is verdwenen”. Doe bij die hopeloze verliefdheid nog wat mediterrane temperaturen en je ziet zo dat deze cruisevaart geen plezierreisje wordt. Verwijzingen naar de hellevaart van Dante, naar de man met de zeis,  en naar Waterloo (de cruise doet  ook Ajaccio op Corsica aan, geboorteplaats van Napoleon), aan verhaalmotieven geen gebrek in deze roman, waar vergankelijkheid en verval centraal staan. De hulpeloze oude man  in contrast met de glamoureuze decors van cruiseschip en filmset levert stilistische pareltjes en hilarische scènes op. Zelfs kankeren doet de oude Hammer grappig. 
Autobiografisch? Ach neen, zei Brouwers bij de presentatie van zijn boek in Mechelen, “zo’n kankeraar als die man is, dat ben ik toch helemaal niet?”.  De ironie tot  kunstvorm verheven, ik hou er wel van. 
✮✮✮✩✩



dinsdag 20 december 2011

Vossenblond – Rascha Peper


Uitgegeven bij Querido 
 
255 blz.

Een liefdesroman met een klassiek thema:  man wordt verliefd op zijn escortgirl en wil haar zo snel mogelijk ‘uit het leven’ halen. Maar de jonge vrouw heeft zo haar eigen agenda. Het leven van Walter, die van beroep botten ontleedt bij archeologische vondsten, davert op zijn grondvesten. Wordt Vera zijn ‘femme fatale’? 

De roman leest vlot, zoals we dat van eerder werk van Peper (o.a. Oesters, Dooi en Wie scheep gaat) gewend zijn. De beroepsbezigheden van het hoofdpersonage leggen als vanzelf een link naar het thema van vergankelijkheid en dood. Liefde en dood,  je had niet anders verwacht.  Echt beklijvende beelden levert het niet op. Gedachten en reflecties die  er een beetje uitspringen, worden meteen ook uitgesponnen en daarmee dood verklaard. Ik mis hier toch wel de poëtische zegging van haar vroegere werk. De intermezzo’s vanuit het standpunt van de hond klinken dan juist wel heel verfrissend en dikwijls nog grappig ook.

Een niet onaardig tussendoortje, maar zeker geen aanrader.
✮✮✫✫✫