Pagina's

Posts tonen met het label Sándor Márai. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sándor Márai. Alle posts tonen

donderdag 11 oktober 2012

Kentering van een huwelijk - Sándor Márai


Vertaald door Henry Kammer
Uitgegeven bij Wereldbibliotheek
415 blz.

Van Sándor Márai las ik eerder al Gloed en Vrede op Ithaca. Twee keer een schot in de roos. Met redelijk hooggespannen verwachtingen begon ik aan deze roman.
In Kentering van een huwelijk kijken drie personages beurtelings terug op hun op de klippen gelopen huwelijk. Ilonka is als eerste aan de beurt en vertelt over haar huwelijk met Peter. Dan doet Peter zijn relatie met Ilonka én met Judit, zijn tweede vrouw, uit de doeken. En als laatste horen we Judits kijk op de dingen.  De achtergrond is Boedapest aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Behalve een verhaal van liefde en verraad, van ontgoocheling en eenzaamheid is de roman evengoed een geschiedenis van de bourgeoisie, een levensvorm die na de oorlog over zijn hoogtepunt heen was.
Wie aan Márai begint, weet dat hij zich aan slow reading mag verwachten. Maar Kentering van een huwelijk bleek mij uiteindelijk toch te wijdlopig.  Ik vond er ook niet genoeg nieuwe inzichten of wijsheden in om de trage lectuur te compenseren. Ik heb het boek dan ook niet uitgelezen.
★☆☆☆☆

woensdag 18 januari 2012

Vrede op Ithaca – Sándor Márai


Vertaald uit het Hongaars door Frans van Nes
Uitgeverij Wereldbibliotheek  
301 blz.


Vrede op Ithaca lezen is als thuiskomen in het pure lezen. Het lezen zoals we dat als kind deden, vol overgave en zonder onderscheid. Ik zal zowat twaalf geweest zijn toen ik de verhalen van de Ilias en de Odyssee leerde kennen in een groot geïllustreerd boek. Het werd het begin van een jarenlange fascinatie voor de klassieke mythologie.
Márai raakte dus duidelijk een gevoelige snaar bij mij met deze roman over Odysseus, door hem consequent Ulysses genoemd. Misschien verliest  Ulysses bij Márai wat van zijn heldhaftige pluimen, net als zijn illustere kompanen Nestor, Achilles, Menelaüs … Maar wat hij verliest wint hij dubbel en dik terug: de Ulysses van Márai is op de eerste plaats een mens, complex en boeiend. In de eerste zang probeert Penelope uit te leggen wie haar man was. Soms doet ze dat vrij laconiek. Mijn man kon wonderbaarlijk goed van huis vertrekken. Hij kon ook fantastisch thuiskomen. Maar één ding kon hij niet: blijven. Dan weer met gepaste bitterheid én met mildheid, naarmate ook zij haar rol in dit verhaal van goden en mensen beter  leert inschatten.  Márai doet voor Penelope wat Paul Lebeau ooit deed voor de figuur van Xanthippe: hij transformeerde haar van stereotype naar vrouw van vlees en bloed. In zang 2 leert de zoon Telemachus van de minnaressen van zijn vader wie of wat zijn vader echt was.  Ten slotte komt Telegonus aan het woord, de zoon die Ulysses verwekt heeft bij de godin Circe. Zijn ontmoeting met zijn vader zal uiteindelijk heel beslissend zijn.  Tegelijk is Vrede op Ithaca het verhaal over de ontwikkeling van  de maatschappij,  waarin de mens het steeds meer overneemt van de goden als regisseur van zijn eigen leven. Dat levert  interessante one-liners op en stof om over na te denken, zonder direct zwaarwichtig te worden. Boeiende lectuur dus, waarin de stijl van het oude epos met zijn ronkende epitheta aangenaam samengaat met een moderne invalshoek.
 
✮✮✮✮✩