Pagina's

Posts tonen met het label menselijkheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label menselijkheid. Alle posts tonen

maandag 30 april 2012

Alleen in Berlijn - Hans Fallada

vertaald door A. Th. Mooij en 
herzien door A. Habers

uitgegeven bij Cossee, Amsterdam 

368 blz.

Alleen in Berlijn vertelt het verhaal van een Berlijns echtpaar, dat na de dood van hun enige zoon een stille rebellie begint tegen het regime. Elke zondag schrijven ze opstandige leuzes tegen Hitler op briefkaarten en leggen die dan neer op plaatsen waar veel volk voorbij komt, in de hoop dat ze zo het einde van de oorlog bespoedigen. De meeste kaarten worden allemaal netjes bij de politie binnengebracht, en het enige zichtbare dat ze lijken teweeg te brengen is angst. Die angst om betrapt te worden, verraden te worden, is door Fallada schitterend in beeld gebracht. Elke normale interactie wordt overschaduwd door het dreigende gevaar. Niemand blijft buiten schot. Dat je naam genoemd wordt kan al je einde betekenen. 
Fallada spaart zijn lezers niet en beschrijft gedetailleerd wat er gebeurt als je in handen van de Gestapo valt. Op zich niet zo origineel, er is een zeer grote keuze aan oorlogsromans, maar het standpunt vanuit een  Duitse grootstad met zijn kleurrijke gamma aan individuen op alle trappen van de sociale ladder, maakt dat je deze roman niet zo licht vergeet. Wie zich nog afvraagt waarom er niet meer verzet is geweest , krijgt hier het antwoord. Binnen de grenzen van de brutale repressie was het al een daad van verzet om mens te blijven. Geen wonder dat juist Primo Levi, auteur van Is dit een mens, woorden van lof overhad  voor deze roman.
Alleen in Berlijn is gebaseerd op een echt dossier.  De auteur overleed reeds in 1947, kort na de eerste uitgave van de roman.
★★★☆☆


woensdag 4 april 2012

De hongerspelen – Suzanne Collins


Vertaald door Maria Postema
Uitgegeven bij Van Goor, Unieboek
340 blz.

Ik beken, ik was wat sceptisch, zoals altijd als er een hype in het spel is. Maar ik was ook nieuwsgierig naar het verhaal achter de intrigerende titel. 
De plot is overtuigender als je het boek leest, dan als je hem samenvat. Als straf voor een rebellie uit het verleden moeten de twaalf districten van Panem elk jaar een jongen en een meisje leveren aan het Capitool. In iets wat het midden houdt  tussen een adventure game en een reality-show moeten de kinderen vechten voor hun leven, tot er maar één overblijft. Dat zijn de hongerspelen. Bizar fantasy-achtig gegeven, dat een beetje geïnspireerd is op de Griekse mythe van de Minotaurus. Toch zullen ook sceptici van het genre niet kunnen weerstaan  aan de kracht waarmee Collins je meezuigt in haar universum, vanop het moment dat de 16-jarige Katniss Everdeen vrijwillig de plaats inneemt van haar jongere zusje.  Kan je de hongerspelen echt winnen?
Is wat op het eerste gezicht onwaarschijnlijk klinkt, niet ook een beetje een spiegel van onze maatschappij? In elk geval zijn de emoties en gevoelens van de hoofdpersonages universeel herkenbaar en vooral, het is spannend tot op het einde. De reeks is ongelooflijk verslavend. Voorzie dus best wat tijd als je eraan begint! 
Oh ja, in je bib vind je dit boek waarschijnlijk bij de jeugdromans. Maar dat maakt toch niets uit, als het een goed boek is?


Lees ook deel 2: Vlammen (405 blz) en deel 3: Spotgaai (432 blz.)

woensdag 18 januari 2012

Vrede op Ithaca – Sándor Márai


Vertaald uit het Hongaars door Frans van Nes
Uitgeverij Wereldbibliotheek  
301 blz.


Vrede op Ithaca lezen is als thuiskomen in het pure lezen. Het lezen zoals we dat als kind deden, vol overgave en zonder onderscheid. Ik zal zowat twaalf geweest zijn toen ik de verhalen van de Ilias en de Odyssee leerde kennen in een groot geïllustreerd boek. Het werd het begin van een jarenlange fascinatie voor de klassieke mythologie.
Márai raakte dus duidelijk een gevoelige snaar bij mij met deze roman over Odysseus, door hem consequent Ulysses genoemd. Misschien verliest  Ulysses bij Márai wat van zijn heldhaftige pluimen, net als zijn illustere kompanen Nestor, Achilles, Menelaüs … Maar wat hij verliest wint hij dubbel en dik terug: de Ulysses van Márai is op de eerste plaats een mens, complex en boeiend. In de eerste zang probeert Penelope uit te leggen wie haar man was. Soms doet ze dat vrij laconiek. Mijn man kon wonderbaarlijk goed van huis vertrekken. Hij kon ook fantastisch thuiskomen. Maar één ding kon hij niet: blijven. Dan weer met gepaste bitterheid én met mildheid, naarmate ook zij haar rol in dit verhaal van goden en mensen beter  leert inschatten.  Márai doet voor Penelope wat Paul Lebeau ooit deed voor de figuur van Xanthippe: hij transformeerde haar van stereotype naar vrouw van vlees en bloed. In zang 2 leert de zoon Telemachus van de minnaressen van zijn vader wie of wat zijn vader echt was.  Ten slotte komt Telegonus aan het woord, de zoon die Ulysses verwekt heeft bij de godin Circe. Zijn ontmoeting met zijn vader zal uiteindelijk heel beslissend zijn.  Tegelijk is Vrede op Ithaca het verhaal over de ontwikkeling van  de maatschappij,  waarin de mens het steeds meer overneemt van de goden als regisseur van zijn eigen leven. Dat levert  interessante one-liners op en stof om over na te denken, zonder direct zwaarwichtig te worden. Boeiende lectuur dus, waarin de stijl van het oude epos met zijn ronkende epitheta aangenaam samengaat met een moderne invalshoek.
 
✮✮✮✮✩