Pagina's

Posts tonen met het label verraad. Alle posts tonen
Posts tonen met het label verraad. Alle posts tonen

donderdag 5 april 2018

Nachttrein naar Lissabon - Pascal Mercier

Vertaald door Gerda Meijerink
Uitgegeven bij Wereldbibliotheek
414 blz

Nachttrein naar Lissabon is een van de zeldzame boeken die ik nog in papieren versie heb gekocht.  Ik lees al een hele tijd vooral op mijn e-reader, en hoewel ik  telkens netjes betaal voor mijn e-boeken, voelt dat toch niet helemaal als kopen. Voor Nachttrein naar Lissabon heb ik met plezier een uitzondering gemaakt, want het is echt een pareltje om te koesteren.
Het uitgangspunt sprak mij al aan.  Op een dag verlaat de leraar klassieke talen Raimond Gregorius zonder boe of ba zijn klaslokaal, om er nooit meer terug te keren. De aanleiding was een boek dat hij  in handen gekregen had, een boek van de Portugese arts Prado. Geïntrigeerd vertrekt hij nog dezelfde nacht naar Lissabon, op zoek naar sporen van Prado in Lissabon. Van een radicale keuze gesproken. 
In Lissabon probeert Gregorius  in de voetstappen van Prado te lopen. Zo ontmoet Gregorius personages die nog getuigen zijn van het Portugal  onder Alcazar, van voor de Anjerrevolutie dus.  Die houden het verhaal op gang en zijn op zichzelf al interessant genoeg. En tussen al die ontmoetingen door  krijg je  fragmenten uit het - zeer filosofische - werk van Prado te lezen. Daar zit denkvoer in! En naarmate de zoektocht naar Prado  vordert, krijg je ook meer en meer het gevoel dat Gregorius in zijn zoektocht naar Prado, vooral zichzelf tegenkomt. De misschien wel boekengeleerde, maar absoluut niet streetwise Gregorius, is me in al zijn stunteligheid erg dierbaar geworden. En ook dat is een boeiende leeservaring. 
Een aanrader dus, maar met enig voorbehoud. Wie alleen maar naar de finish raast, zal voorbijvliegen aan wat je in, en ook tussen, de regels leest. Een intense maar noodzakelijk trage leeservaring. 

★★★★★

maandag 22 mei 2017

Wil - Jeroen Olyslaegers


Wil is het verhaal van  Wilfried Wils, politieman in Antwerpen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Op het eind van zijn leven kijkt hij terug naar die verwarrende periode waarin hij alles nog moest worden, dichter, echtgenoot, held of lafaard. Het is niet bepaald aangename, in de zin van vrolijke,  lectuur, daarvoor is de werkelijkheid die Olyslaegers beschrijft te cru. Dat wordt al duidelijk vanaf het eerste hoofdstuk, waarin Wils met zijn collega en toekomstige schoonbroer Lode opgevorderd wordt om zgn. arbeidsweigeraars - eufemisme voor 'joden' - te arresteren. Een niet zo fraaie bedoening, die mij helemaal terug catapulteerde naar een van de scènes uit het joods ghetto van Warschau in de film The pianist. Maar het is wel een prachtig portret van een jongeman gevangen tussen goed en kwaad en tegelijkertijd een indrukwekkende evocatie van het leven in een bezette stad. En dat serveert Olyslaegers in een taal die je echt in de ban houdt tot op de laatste bladzijden van de roman. Om kippenvel van te krijgen. 
Het vertelstandpunt van  deze roman  (oude, wat seniele, man kijkt terug en vertelt voor het nageslacht) brengt met zich mee dat je  alle andere personages ziet vanuit dat ene perspectief.  We zien hen vooral door hun daden, hun interactie met het hoofdpersonage. De enige expliciete diepgaande analyse is de  zelfanalyse van Wilfried Wils. En die is dubbel : scherp en cynisch soms en toch ook wat vergoelijkend, alsof Wils begrip vraagt voor zijn rol in de gebeurtenissen.   Bovendien zit er nog de filter op van een dementerende oude man, wiens herinneringen niet altijd stroken met de feiten.   Het is allemaal niet zo zwart-wit.    
Jeroen Olyslaegers won ondertussen met Wil de Fintro Literatuurprijs (van de vakjury én van de lezersjury). Een goede keuze, als je het mij vraagt. 

✭✭✭✭1/2

maandag 12 september 2016

Judas - Amos Oz

Vertaald door Hilde Pach
Uitgegeven bij De Bezige Bij
400 blz



In Jeruzalem stopt een jonge student uit financiële noodzaak met zijn studies. Hij neemt een eigenaardige job aan: elke avond zal hij luisteren, praten en discussiëren met een oude invalide man, in ruil voor kost en inwoon en geheimhouding. 
De oude man heeft uitgesproken ideeën over het zionisme en het worden dan ook boeiende gesprekken. Uiteraard krijg je geen pasklare antwoorden, dat is eigen aan literatuur. Maar het boek doet je wel nadenken. Het Midden-Oosten is vandaag een brandhaard van jewelste. En terwijl je leest over de onafhankelijkheidsoorlog van 1948, kan je alleen maar bedenken hoe vandaag nog altijd alle partijen van hun eigen gelijk overtuigd blijven. Tegelijkertijd is het natuurlijk ook een boek over een jongeman op zoek naar de zin van zijn leven en naar de liefde. En over het onoverkoombare verlies van een zoon. En de titel dan? Als spinoff van zijn scriptie verdiept de jonge Shmuel zich in de rol van Judas, en die wijkt behoorlijk af van wat wij al altijd over de figuur van Judas aannamen. Maar de titel verwijst natuurlijk ook naar de gecompliceerde relaties tussen de verschillende personages in deze roman. Boeiende roman dus, maar wel slow reading. Liefhebbers van Amos Oz zullen dit zeker waarderen. Geen 4 sterren omdat ik mij op den duur toch wel begon te ergeren aan de steeds terugkerende beschrijvingen van de personages. De kracht van de herhaling, zeker? Maar voor mij mocht het iets subtieler. 

★★★1/2

zondag 10 januari 2016

Schiet maar, ik ben toch al dood - Julia Navarro

Vertaald door Bart Peperkamp
Uitgegeven bij Wereldbibliotheek
766 blz.

Schiet maar, ik ben toch al dood is goed voor uren onvervalst leesplezier. Het is het soort boek waarin ik mij met het grootste plezier onderdompel: meer dan 700 bladzijden lang neemt de auteur je mee door de geschiedenis van de twintigste eeuw. Alles begint met de joodse familie Zucker in tsaristisch Rusland eind 19de eeuw, als Samuel als kleine jongen meemaakt hoe zijn moeder en zusje vermoord worden in een pogrom. Twintig jaar later is weggaan uit Rusland de enige oplossing en na een tussenstop in Parijs komt hij uiteindelijk in het Beloofde Land terecht. Op de grond die hij koopt in Jeruzalem woonde al generaties lang de Arabisch-Palestijnse familie Ziad. Samuel Zucker zorgt ervoor dat Ahmed Ziad kan blijven wonen. Ze worden buren en uiteindelijk ook vrienden voor het leven. De vriendschap is niet simpel en wordt steeds meer op de proef gesteld door de gebeurtenissen: steeds meer joden komen naar Palestina en de Arabieren voelen zich bedreigd in hun territorium. De wereldoorlogen schudden de politieke kaarten van de regio dooreen en de rol van de grote mogendheden versterkt alleen maar de steeds groeiende vijandigheid tussen de twee bevolkingsgroepen. Toch houdt de vriendschap stand over de generaties heen, zij het met offers aan beide kanten. 
Het boek doet je nadenken over het belang van identiteit en natie en laat je toe de twee kanten van het verhaal te zien. Je mag dat gerust letterlijk nemen, want we komen het hele verhaal te weten via een verhaaltechnisch trucje: een medewerkster van een ngo zoekt voor haar rapport zowel Israëlische als Palestijnse getuigenissen. De Palestijnse kant van het verhaal is haar al bekend en het zijn haar gesprekken met een van de laatste overlevenden van de Zucker-familie die de rode draad vormen van deze roman. Hij vertelt zijn geschiedenis, zij vertelt op haar beurt de versie zoals ze die van haar Palestijnse contacten gehoord heeft.  De empathie voor de andere zijde is groot, de vooroordelen zijn dat ook. Ook de lezer voelt zich gevangen in dit onontwarbare kluwen van rancunes en frustraties. Je krijgt meer inzichten, dat wel, maar of dat nu echt hoopgevend is, is nog maar de vraag. Het wantrouwen is zeer diep en soms vrees je dat het geweld inderdaad alleen maar zal stoppen wanneer er zoveel doden gevallen zijn, dat nog een dode meer ondraaglijk  zou zijn, zoals een van de personages het in dit boek verwoordt.    
De inhoud van deze roman brengt ons middenin enkele van de minst fraaie hoofdstukken van de geschiedenis van de twintigste eeuw. En toch blijf ik het leesplezier noemen, daarvoor zorgt de frisse manier waarop Navarro met haar plot omgaat: ze weet ons zelfs tot op de laatste bladzijde te verrassen.   Knappe prestatie, waaraan ongetwijfeld ook veel opzoekwerk is  aan voorafgegaan. 

★★★★


woensdag 28 oktober 2015

De geniale vriendin of de Napolitaanse romans - Elena Ferrante - bijgewerkt 24 juni 2018

Vertaald door Marieke van Laake
Uitgegeven bij Wereldbibliotheek

De geniale vriendin ★★★
De nieuwe achternaam ★★★★
Wie vlucht en wie blijft ★★
Het verloren kind ★★★★

 



De romancyclus De geniale vriendin houdt Italiaanse en Amerikaanse lezers al een tijdje in de ban.  De Napolitaanse romans van Elena Ferrante, zoals ze in Amerika genoemd worden, zijn een hype geworden. Jonathan Franzen, verteller bij uitstek, noemt haar werk briljant en in literatuurbijlages in tijdschriften en kranten krijgt ze goede recensies. Reden genoeg dus om nieuwsgierig aan dit vierluik te beginnen. 
De geniale vriendin is het verhaal van een wel heel bijzondere vriendschap tussen twee Napolitaanse vrouwen. Elena is 66 als ze een telefoontje krijgt van de zoon van haar jeugdvriendin Lila. Lila is dan al twee weken spoorloos. Toch maakt Elena zich niet meteen echt zorgen. Daarvoor kent ze Lila veel te goed. Als Lila niet gevonden wordt, is dat omdat ze niet wil gevonden worden. En dan verlaat de verteller voorgoed het heden en dompelt ons onder in de geschiedenis van de vriendschap van deze twee vrouwen, die begint in hun kindertijd in een arme wijk in Napels.  Rivalen en hartsvriendinnen zijn het, beide zeer intelligent, en hun levens blijven elkaar kruisen,  hoewel ze  elk hun eigen weg gaan.   Met veel zin voor humor en detail vertelt Ferrante  ons over hun kinderlijke strapatsen, hun eerste liefdes en ontgoochelingen, hun moeilijke schoolpad in een vrouwonvriendelijke omgeving, hun soms fatale keuzes, maar vooral de band die hen voor altijd bindt. En naast een portret van hun vriendschap is het ook het portret van Napels, van de oude volkswijken en een manier van leven die we (hier) niet meer (her)kennen. 

Ik beken dat het bij mij tot de tweede roman geduurd heeft voor ik overstag ging. Ferrante neemt ruim de tijd om haar verhaal te ontwikkelen. Je volgt de personages zo dicht op de voet dat je soms dreigt te verdrinken in de veelheid van alledaagse feiten. Een beetje zoals bij Jonathan Franzen eigenlijk, ik begrijp  heel goed waarom hij zo'n bewondering heeft voor haar manier van schrijven. Maar De nieuwe achternaam vond ik meesterlijk. Zelden heb ik een vriendschap in al haar aspecten, ook de gemene trekjes ervan, zo scherp gefileerd gezien als in deze roman.  Het wordt dus uitkijken naar de Nederlandse vertaling van delen 3 & 4. Onvervalst leesplezier!

Update 26 juli 2016: Deel 3 is ondertussen uit in de Nederlandse vertaling. Ik vond de aanvankelijke fascinatie voor deze romanreeks niet meer terug. Ik weet dus niet of ik deel 4 nog wel zal lezen. 

Final update 24 juni 2018: Misschien is het wel omdat dit vierde deel zich weer bijna volledig in Napels afspeelt, dat ik weer helemaal in het verhaal gezogen ben. In de sociale heksenketel van deze groezelige maar fascinerende stad, valt de vreemde vriendschap tussen de twee vrouwen als een puzzelstukje op zijn plaats. Heerlijke leeservaring ook als het einde van deze roman, dat ik hier niet ga verklappen, weer aansluit bij die prachtige poppenscène uit het eerste deel. 
En zo eindig ik toch nog met veel bewondering voor deze grootse reeks van Napolitaanse romans.
Lees ook https://gal-altijdeenboek.blogspot.com/2017/03/het-verhaal-van-het-verloren-kind-elena.html





  


vrijdag 5 september 2014

World without End - Ken Follett

Uitgegeven bij Signet
1124 blz.

Op dit ogenblik loopt op 2BE de tv-reeks World without End, gebaseerd op de gelijknamige historische bestseller van Ken Follett. De reeks geeft net als het boek een schitterend beeld van Engeland in de 14de eeuw. 
Het verhaal begint bij vier kinderen, die na de zondagsmis aan de aandacht van de volwassenen ontsnappen en toevallige getuigen zijn van een bizarre moordpartij in de bossen rond Kingsbridge, een fictief stadje. Een van de overlevende ridders bezweert hen om met niemand te praten over wat ze gezien hebben. Het geheim achtervolgt hen hun hele leven lang.  Hun levens zijn de rode draad in deze historische roman. Samen zijn ze een mooie afspiegeling van het sociale leven uit de late middeleeuwen. 
De zachtmoedige Merthyn zal opgroeien tot een geniale meesterbouwer, die met zijn technisch inzicht vernieuwende oplossingen bedenkt. Zijn broer Ralph, van kindsbeen al geneigd tot wreedheid, schopt het tot ridder en landheer. Hij wordt zo de kwelduivel van Gwenda, dochter van arme sloebers en toch vastbesloten iets van haar leven te maken. En als laatste is er Caris, dochter van een rijke wolhandelaar van Kingsbridge, een onafhankelijke vrouw, wiens ambitie het is om mensen te genezen. Hun levens verlopen intens: voorspoed kan van de ene dag op de andere omslaan in tegenspoed. Hongersnood en pest zorgen ervoor dat niemand  zeker is van zijn bestaan.  Groot en klein, iedereen moet rekening houden met de grillen van wie boven hem staat: de koning, de baljuw, de bisschop, de prior ... Vooral de excessen en het machtsmisbruik van de kerkelijke hiërarchie komen uitgebreid aan bod. Als de historische werkelijkheid ook maar een tiende zo erg was als het hier wordt voorgesteld, dan begrijp je dat latere predikers als Luther en Calvijn een gewillig gehoor vonden. Stof genoeg dus voor een zeer spannende roman met een aantal  kleurrijke personages die tot de verbeelding spreken. Wat mij nog het meest heeft geboeid, was hoe rampen als de pest misschien wel het einde betekenden van het verlammende feodale systeem, dat alle vooruitgang tegenhield. Landbouwmethodes, sociale verhoudingen, religie, geneeskunde ... : alles lijkt in beweging te komen na de 14de eeuw, niet voor niets de waanzinnige eeuw genoemd*.
Het is zeker geen literair werk.  Daarvoor gebruikt Follett net iets te veel het wapen van de herhaling - hoewel daar in een turf van meer dan 1000 bladzijden wel iets voor te zeggen valt. De aandachtige lezer zal ook vele plotwendingen zien aankomen, maar ze worden wel allemaal netjes en logisch afgewikkeld. En misschien heeft Follett sommige personages en scènes wel erg naar de hand gezet van hedendaagse inzichten en smaken. Want het blijft natuurlijk fictie, waarin historische accuraatheid al eens moet wijken voor de wetten van fictie en entertainment. 
Toch ben ik geneigd dit boek een hoge rating toe te kennen.  Want in deze blog wil ik vooral verslag doen van mijn leeservaringen. En dan wint leesplezier het wel eens van literaire criteria. 

★★★★☆

World without End (in de Nederlandse vertaling Brug naar de Hemel) vormt een tweeluik met Pillars of the Earth (Pilaren van de aarde of De kathedraal) van Ken Follett. Wie dat eerste boek (uit 1989) ooit las, herinnert zich nog wel de personages Jack Builder en prior Philip, die hun leven wijdden aan hun grote droom: een kathedraal bouwen voor Kingsbridge. World without End is een soort vervolg, in die zin dat het verhaal de draad weer opneemt in datzelfde Kingsbridge zo'n honderdvijftig jaar later. 


De waanzinnige veertiende eeuw (originele titel: A Distant Mirror) is een boek van de Amerikaanse historica Barbara Tuchman uit 1978 dat verhaalt over het veertiende-eeuwse Europa.

vrijdag 20 september 2013

Wolf Hall & Het boek Henry – Hilary Mantel


Vertaald door Ineke Willems
Uitgegeven bij Signatuur
672 blz.


De Tudors hebben al veel theater- en filmmakers geïnspireerd. Toch is de centrale held van deze historische roman niet echt Henry VIII, maar wel zijn naaste medewerker Thomas Cromwell. In Wolf Hall zie je van dichtbij hoe Henry zijn eerste vrouw opzij zet om te kunnen trouwen met Anne Boleyn. Hij moet en zal een mannelijke troonopvolger krijgen. Als dat ook met Anne niet lijkt te lukken, voel je op het eind van de roman de wolken samenpakken boven de Boleyns. Daarmee verklap ik nauwelijks iets, want iedereen die een beetje zijn geschiedenis kent, weet wel hoe het met  ‘la Ana’ afloopt.
Mantel laat ons de hele geschiedenis zien door de ogen van Cromwell, de architect van Henry’s plannen.  Hij moet Henry’s wensen en ambities betonneren in wetten en decreten, hij stuurt ook de hervorming van de Kerk en sluist de kerkelijke inkomsten door naar Henry en de staat.  Zijn zakelijke beslissingen laten geen ruimte voor veel scrupules. Geen wonder dat de man vijanden heeft. Toch is het beeld dat we van hem krijgen wonderlijk menselijk gebleven. Naast de intriges en manipulaties aan het hof heeft de man ook een privé-leven, dat het andere - minder koninklijke - Engeland oproept. En dat maakt van Wolf Hall een boeiende historische roman die veel inzicht biedt in deze turbulente tijden, waar mannen als Calvijn en Luther steeds meer aanhang krijgen.
Zeggen dat deze roman zeer vlot leestis wat te veel gezegd. Het feit dat Hilary Mantel consequent naar Cromwell verwijst als ‘hij’ maakt het soms verwarrend. De lijst van de personages is bovendien pagina's lang. Maar in elk geval slaagt ze erin om goed te verbergen hoeveel achtergrondresearch aan dit werk moet voorafgegaan zijn. De lezer wordt daar niet nodeloos mee geconfronteerd. Het verhaal blijft overeind, en dat heeft alles te maken met de aandacht voor de psychologie van de personages. Voor wie geïnteresseerd is in het Tudor-tijdperk is dit echt een aanrader.
★★★1/2


Het boek Henry Hilary Mantel       
Vertaald door Ineke Willems
Uitgegeven bij Signatuur

384 blz.

Het boek Henry (Bring up the Bodies) is het tweede deel van de trilogie van Hilary Mantel over de rol van Thomas Cromwell aan het Tudor-hof.
Het beschrijft de val van Anne Boleyn, die  er maar niet in slaagt Henry de  felbegeerde mannelijke troonopvolger te geven. Hoewel Boleyn zelf geen beginnelinge was in het intrigeren en konkelfoezen, moet ze toch de duimen leggen voor de geruchtenstroom die haar uiteindelijk op het schavot brengt. Ook nu is Thomas Cromwell de architect van Henry’s plannen. Hoe meer hij zich in de gunst van de koning werkt, hoe kwetsbaarder zijn positie wordt. Daar is hij zich goed van bewust. In die sfeer eindigt deel 2.
Ik vond dit deel beter geslaagd dan het eerste. Misschien omdat je in dit tweede deel al vertrouwd bent met de meeste personages.  De auteur heeft nu de handen vrij om het karakter van Thomas Cromwell goed uit te werken.  Hij lijkt zo zeker van zichzelf. Koel gaat hij stap voor stap op zijn doel af,  ook over lijken als dat moet. En toch zie je soms de barstjes in zijn pantser, de twijfel die hem soms bekruipt, de kwetsbaarheid van een man die alom gevreesd is en maar weinig echte vrienden heeft.  De ondergang van Anne Boleyn wordt hier op een geloofwaardige manier verbeeld. Verbeeld, want van het eigenlijke proces tegen Henry's tweede vrouw zijn geen transcripties bewaard. 
Dit is geen makkelijke lectuur, maar wel zo boeiend dat ik al uitkijk naar deel 3.
★★★★☆


dinsdag 13 augustus 2013

Schemerspel – Arnaldur Indriðason

Vertaald door Adriaan Faber
Uitgegeven bij Querido
376 blz.

Indriðason kennen we als de auteur die IJsland op de thrillerkaart zette met een reeks romans rond de stugge en melancholische rechercheur Erlendur. Deze roman is eigenlijk een soort prequel op de Erlendur-romans. In Schemerspel speelt zijn voorganger en mentor Marion Briem de hoofdrol. De zaak gaat dan ook terug tot in 1972, wanneer in Reykjavik het schaaktornooi  tussen de Amerikaan Bobby Fischer en de Rus Spassky plaatsvindt. De Koude Oorlog is op zijn hoogtepunt en de spanning is te snijden. Tegen de achtergrond van dat mega-evenement wordt een scholier doodgestoken in een oude  bioscoop. Wat is het verband?
Met die verrassende insteek begint de roman.  Bijna onmiddellijk springt de auteur ook terug naar Marions penibele jeugd, gedeeltelijk doorgebracht in een Deens sanatorium. De vooroorlogse behandeling van tbc was bepaald geen pretje en de ervaring heeft Marions karakter mee bepaald. Boeiend in elk geval. Indriðason stelt zich nooit tevreden met oppervlakkige karakterschetsen, en dat is in Schemerspel niet anders.  Indriðason gaat daarin behoorlijk ver. Met ijzeren discipline – zijn stijl is toch al franjeloos – slaagt hij erin om in de flashbacks naar Marions kindertijd tot meer dan halfweg de roman consequent van ‘het kind’ te spreken.  Geen hij of zij, geen zijn of haar. Dat samen met een terloopse opmerking over het androgyne uiterlijk van Marion houdt je op de achtergrond van je lezersbewustzijn bezig.
Jammer genoeg  raakt de eerste plot, die van de thriller, daardoor wat op de achtergrond. Zoals de  schakers bedachtzaam en traag hun strategie uitvoeren, zo spelen ook de grootmachten hun eigen, weliswaar dodelijkere, spel. Ik hou wel van een thriller met een ietsje meer, maar Schemerspel is misschien toch iets te traag om een steengoede thriller te zijn.
★★★☆☆

dinsdag 23 juli 2013

De vijand van mijn vader – Almudena Grandes


Vertaald door Mia Buursma
Uitgegeven bij Signatuur
400 blz

Spanje 1947. In Europa is het fascisme tot staan gebracht, maar in Spanje blijft Franco aan de macht tot halfweg de jaren 70. Dat zijn feiten die je wel weet uit de geschiedenislessen, maar als je erover leest in een roman met een jongetje van negen in de hoofdrol krijgt het verleden een heel persoonlijk gezicht. 
Nino groeit op in een bijzondere omgeving : omdat zijn vader   guardia civil is,  woont hij in de kazerne, samen met de andere  gezinnen van de ‘rijkswachters’. De jonge Nino en zijn zusjes horen en zien dingen die een kind niet zou moeten zien. Hoewel de burgeroorlog  officieel gedaan is, blijft hij in de bergen van Zuid-Spanje maar doorgaan. De guardia civil maakt er nog steeds intensief jacht op de ‘rooien’ en het gaat er bepaald niet zachtzinnig aan toe.  
Nino is dan ook het liefst buiten, weg van het dorp. Zo leert hij Pepe de Portugees kennen, een vreemdeling uit het niets opgedoken, met wie hij zalige zomerdagen beleeft, vissend en luierend in de heuvels rond het dorp. Zijn vriendschap is voor de jonge Nino heel belangrijk, net als zijn ‘lessen dactylografie’ in het huis van de Blonde, een nest van linkse vrouwen.  Hij komt er in contact met boeken, wordt een fervent lezer van Jules Verne en krijgt een nieuwe kijk op de wereld rondom zich.
Spannend wordt het als Nino moet kiezen, want de vijanden van zijn vader zijn niet altijd zijn vijanden.
Van Almudena Grandes las ik al eerder Het ijzige hart, ook al over dat onverwerkte Spaanse verleden. En Grandes is lang niet de enige auteur die de deuren naar het verleden openzet: er is ook Jaume Cabré met De stemmen van de Pamano*, C.J. Samson met Winter in Madrid*, Maria Duenas met Het geluid van de nacht  Mag er eindelijk gepraat worden over een stuk geschiedenis dat  de Spaanse maatschappij tot  vandaag verdeelt?
Authentiek en nergens melodramatisch : een overtuigende historische roman van de betere soort.

★★★★

* Van deze boeken kun je een bespreking lezen in mijn blogartikel van 30 september 2011.

donderdag 15 november 2012

Villa Triste – Lucretia Grindle


Vertaald door Saskia Peterzon-Kotte
Uitgegeven bij Bruna
480 blz.


De roman begint met het verhaal van twee zussen in Firenze die tijdens de Tweede Wereldoorlog betrokken raken in het verzet. Dat is op zich al een boeiende verhaallijn. Het wordt nog spannender als 40 jaar later een oude verzetsheld vermoord wordt in zijn appartement. Zijn mond is volgepropt met zout. Tijdens het onderzoek stoot inspecteur Pallioti op het dagboek van een van de twee zussen. Het procedé komt de roman ten goede: de voortdurende switch van verleden naar heden werkt zeer goed. Prima lectuur.

★★★★☆ 

maandag 30 april 2012

Alleen in Berlijn - Hans Fallada

vertaald door A. Th. Mooij en 
herzien door A. Habers

uitgegeven bij Cossee, Amsterdam 

368 blz.

Alleen in Berlijn vertelt het verhaal van een Berlijns echtpaar, dat na de dood van hun enige zoon een stille rebellie begint tegen het regime. Elke zondag schrijven ze opstandige leuzes tegen Hitler op briefkaarten en leggen die dan neer op plaatsen waar veel volk voorbij komt, in de hoop dat ze zo het einde van de oorlog bespoedigen. De meeste kaarten worden allemaal netjes bij de politie binnengebracht, en het enige zichtbare dat ze lijken teweeg te brengen is angst. Die angst om betrapt te worden, verraden te worden, is door Fallada schitterend in beeld gebracht. Elke normale interactie wordt overschaduwd door het dreigende gevaar. Niemand blijft buiten schot. Dat je naam genoemd wordt kan al je einde betekenen. 
Fallada spaart zijn lezers niet en beschrijft gedetailleerd wat er gebeurt als je in handen van de Gestapo valt. Op zich niet zo origineel, er is een zeer grote keuze aan oorlogsromans, maar het standpunt vanuit een  Duitse grootstad met zijn kleurrijke gamma aan individuen op alle trappen van de sociale ladder, maakt dat je deze roman niet zo licht vergeet. Wie zich nog afvraagt waarom er niet meer verzet is geweest , krijgt hier het antwoord. Binnen de grenzen van de brutale repressie was het al een daad van verzet om mens te blijven. Geen wonder dat juist Primo Levi, auteur van Is dit een mens, woorden van lof overhad  voor deze roman.
Alleen in Berlijn is gebaseerd op een echt dossier.  De auteur overleed reeds in 1947, kort na de eerste uitgave van de roman.
★★★☆☆


woensdag 4 april 2012

De hongerspelen – Suzanne Collins


Vertaald door Maria Postema
Uitgegeven bij Van Goor, Unieboek
340 blz.

Ik beken, ik was wat sceptisch, zoals altijd als er een hype in het spel is. Maar ik was ook nieuwsgierig naar het verhaal achter de intrigerende titel. 
De plot is overtuigender als je het boek leest, dan als je hem samenvat. Als straf voor een rebellie uit het verleden moeten de twaalf districten van Panem elk jaar een jongen en een meisje leveren aan het Capitool. In iets wat het midden houdt  tussen een adventure game en een reality-show moeten de kinderen vechten voor hun leven, tot er maar één overblijft. Dat zijn de hongerspelen. Bizar fantasy-achtig gegeven, dat een beetje geïnspireerd is op de Griekse mythe van de Minotaurus. Toch zullen ook sceptici van het genre niet kunnen weerstaan  aan de kracht waarmee Collins je meezuigt in haar universum, vanop het moment dat de 16-jarige Katniss Everdeen vrijwillig de plaats inneemt van haar jongere zusje.  Kan je de hongerspelen echt winnen?
Is wat op het eerste gezicht onwaarschijnlijk klinkt, niet ook een beetje een spiegel van onze maatschappij? In elk geval zijn de emoties en gevoelens van de hoofdpersonages universeel herkenbaar en vooral, het is spannend tot op het einde. De reeks is ongelooflijk verslavend. Voorzie dus best wat tijd als je eraan begint! 
Oh ja, in je bib vind je dit boek waarschijnlijk bij de jeugdromans. Maar dat maakt toch niets uit, als het een goed boek is?


Lees ook deel 2: Vlammen (405 blz) en deel 3: Spotgaai (432 blz.)

woensdag 18 januari 2012

Vrede op Ithaca – Sándor Márai


Vertaald uit het Hongaars door Frans van Nes
Uitgeverij Wereldbibliotheek  
301 blz.


Vrede op Ithaca lezen is als thuiskomen in het pure lezen. Het lezen zoals we dat als kind deden, vol overgave en zonder onderscheid. Ik zal zowat twaalf geweest zijn toen ik de verhalen van de Ilias en de Odyssee leerde kennen in een groot geïllustreerd boek. Het werd het begin van een jarenlange fascinatie voor de klassieke mythologie.
Márai raakte dus duidelijk een gevoelige snaar bij mij met deze roman over Odysseus, door hem consequent Ulysses genoemd. Misschien verliest  Ulysses bij Márai wat van zijn heldhaftige pluimen, net als zijn illustere kompanen Nestor, Achilles, Menelaüs … Maar wat hij verliest wint hij dubbel en dik terug: de Ulysses van Márai is op de eerste plaats een mens, complex en boeiend. In de eerste zang probeert Penelope uit te leggen wie haar man was. Soms doet ze dat vrij laconiek. Mijn man kon wonderbaarlijk goed van huis vertrekken. Hij kon ook fantastisch thuiskomen. Maar één ding kon hij niet: blijven. Dan weer met gepaste bitterheid én met mildheid, naarmate ook zij haar rol in dit verhaal van goden en mensen beter  leert inschatten.  Márai doet voor Penelope wat Paul Lebeau ooit deed voor de figuur van Xanthippe: hij transformeerde haar van stereotype naar vrouw van vlees en bloed. In zang 2 leert de zoon Telemachus van de minnaressen van zijn vader wie of wat zijn vader echt was.  Ten slotte komt Telegonus aan het woord, de zoon die Ulysses verwekt heeft bij de godin Circe. Zijn ontmoeting met zijn vader zal uiteindelijk heel beslissend zijn.  Tegelijk is Vrede op Ithaca het verhaal over de ontwikkeling van  de maatschappij,  waarin de mens het steeds meer overneemt van de goden als regisseur van zijn eigen leven. Dat levert  interessante one-liners op en stof om over na te denken, zonder direct zwaarwichtig te worden. Boeiende lectuur dus, waarin de stijl van het oude epos met zijn ronkende epitheta aangenaam samengaat met een moderne invalshoek.
 
✮✮✮✮✩




maandag 9 januari 2012

Ik haal je op, ik neem je mee – Niccolo Ammaniti


Vertaald door Etta Maris
Nederlandse uitgever: Lebowsky
419 blz.

Een roman met alle Ammaniti-ingrediënten. Een klein Italiaans dorpje aan de kust, en de gebruikelijke losers, opgediend in een plot die je in de ban houdt van bij de eerste bladzijden. Geschreven met veel sympathie en absoluut geen uitlachproza. 
De eerste verhaallijn draait rond Pietro, een teruggetrokken schooljongen, die het thuis niet makkelijk heeft. Op school wordt hij gepest maar er is ook Gloria met wie hij veel optrekt en schooljuf Flora Palmieri, die hem geen kwaad hart toedraagt. Dan is er nog Graziano Biglia, flamboyante playboy en muzikant, die na jaren terugkeert naar zijn dorp, om er te trouwen met zijn blonde schoonheid van het moment. Je kan je bij het begin van de roman niet goed voorstellen hoe die levens met elkaar te maken krijgen, maar het gebeurt wel, en op overtuigende manier. Veel draait om beloftes die gemaakt schijnen om gebroken te worden. Toch klinkt het einde van de roman, tegelijk ook de titel, als een resoluut statement, als een nieuwe belofte. Roman die ontroert door de echtheid van zijn personages.

✮✮✮✫✫